Beeldtaal (3)

Vorige maand sloot ik af met: “Over enkele jaren stuurt Zalando ons ongevraagd de schoenen of de broek waar we net aan dachten – zoals bleek uit ons surfgedrag. En het aankoopbedrag wordt vast afgeboekt. Handig toch?”

Is het denkbaar dat dit doorgetrokken wordt naar de manier waarop we bestuurd worden? Aan de ene kant hebben we het representatieve systeem waarbij volksvertegenwoordigers een mandaat voor pakweg 3 of 4 jaar hebben. Echter, in vier jaar verandert de wereld zo sterk dat elk verkiezingsprogramma al na een jaar in de kliko kan. Vandaar de neiging om over te stappen op referenda.

Waar wel goed op moeten letten waar die roep om referenda vandaan komt: vooral van commerciële campaigners – notabene direct voortkomend uit de kringen van massamedia die volledig draaien op reclame-inkomsten – die kiezers naar zich toe trekken met krachtige beeldgestuurde strategieën. Na Jan Roos en Thierry Baudet vormt nu Geen Peil zich om tot politieke partij. Met als doel de directe democratie in te voeren: elk besluit voorleggen aan het volk.

Daardoor wordt het politieke veld verder gevierendeeld. Links en rechts worden opgeknipt in een links voor hoger en een links voor lager opgeleid, en een rechts voor hoger en een rechts voor lager opgeleid. Met alle denkbare varianten daartussen. Kortom: alles is emotie geworden, beleving. Het hele rationele, analytische denken kan in de oudpapierbak.

De verwarring kun je bijna dagelijks aflezen aan Jeroen Pauw. Hij nodigt steevast representanten uit van wat je intussen het anti-establishment-establishment kunt noemen. Zijn dagelijks stamtafel dient om door het uitwisselen van argumenten het nieuws van de dag verder in te kleuren. Maar dat uitwisselen van argumenten is passé. Dat is de manier van opereren van “de élite”. Jeroen wordt er zo nu en dan wanhopig van als een gast geen andere inbreng meer heeft op een hard onderbouwd feit dan “dat is joúw mening”.

De werkelijke crisis is dat er op twee golflengtes wordt gesproken. De traditionele school aan de ene kant waarbij argumenten worden onderbouwd met feiten, wetenschappelijk verworven kennis, of op basis van algemene waarden, gestoeld op breed gedragen uitgangspunten zoals mensenrechten. Deze school wortelt in de wereld van taal. En met taal kun je – naast emoties zoals met poëzie – vooral argumenten formuleren.

De nieuwe school daartegenover opereert op basis van wantrouwen in wetenschappelijke kennis, maar ook op basis van het verwerpen van zaken als gelijkwaardigheid van culturen. Deze school wortelt in de wereld van het beeld. En met beelden kun je niet argumenteren, maar wel heel goed emoties overbrengen.

De vraag is waar je moet beginnen om die twee werelden weer bij elkaar te brengen, met elkaar in gesprek te laten gaan. Want nu graven de verschillende politieke polen zich in en verschansen ze zich achter hun eigen gelijk. Het rationele argumenteren versus de emotie van het beeld.

Misschien moeten we het wel heel anders aanpakken. Op basis van Big Data weten we immers hoe burgers over bepaalde kwesties denken. Zoals je aankoopgedrag – zie de schoenen van Zalando – voorspelbaar is op basis van je gedrag in het verleden, zo is ook je stemgedrag voorspelbaar.

Feitelijk worden we al enigszins zo bestuurd. Ik sprak een “dataminer” die voor een groot bedrijf die veel installaties heeft draaien zoals de portalen met matrixborden boven de snelwegen, maar ook in waterkeringen, bruggen en andere vitale infrastructurele voorzieningen gaat onderzoeken of storingen te voorkomen zijn door de gebeurtenissen die aan onverwachte storingen voorafgaan te analyseren. Op basis van die analyses kun je dan niet alleen de storingen voorspellen, maar ze effectief voorkomen door tijdig programma’s bij te sturen zodat noodlottige samenlopen voorkomen worden.

Zo kun je ook storingen in de samenleving voorspellen. Niet door te kijken naar de inhoud van conflicten, wat analisten nu graag doen, maar naar de optelsom van de conflicten, niet meer dan dat. In de – élitaire – Volkskrant vertelt de onderzoeker Ingo Piepers hoe je dan de wetmatigheid kunt ontdekken van grote internationale geweldsuitbarstingen. Oorlogen die dus een soort resetknop blijken voor een overbelast systeem. Piepers heeft berekend dat rond 2020 een wereldwijze geweldsuitbarsting zal plaatsvinden. Geen fijn vooruitzicht.

Als ik Piepers goed begrijp is het lange tijd in het Westen redelijk vreedzaam gebleven omdat we door internationale samenwerking en handelsverdragen de onderlinge afhankelijkheid steeds groter maakten, maar is inmiddels door tal van conflicten de spanning binnen die steeds complexer systemen toch steeds verder opgelopen. Die spanning moet er uit. Het is niet Piepers conclusie, maar de mijne, dat enige desintegratie van die complexe systemen zoals de EU mogelijkheden biedt om die spanning af te leiden. Dan kunnen er alsnog wel geweldsuitbarstingen plaatsvinden, maar zonder de doorwerking in het hele systeem.

Het is natuurlijk speculatie van de kouwe grond, niet meer dan een gedachtenoefening, maar mogelijk kunnen die twee hiervoor geschetste werelden elkaar daarin vinden: enige desintegratie van complexe – en voor velen onbegrijpelijke systemen – kan wel eens een goede manier zijn om de enorme spanning die in het systeem zit af te laten vloeien.

Nieuw rechts corrigeert op een emotionele manier de onnavolgbare consequenties van de complexe internationale systemen, op een élite van briljante denkers na, die helaas niet in staat zijn om de doorsnee burger uit te leggen waar ze mee bezig zijn. Misschien moet de “élite” de uitdaging aannemen en niet de huidige systemen coûte que coûte verdedigen door over de hoofden van burgers heen te praten maar door afbouwscenario’s te ontwikkelen en met big data verkennen wat er dan gebeurt. Want dat alle onheilsvoorspellingen over de gevolgen van Brexit en over Trump tot nu toe niet uitkomen maakt hun zaak ook niet sterker.

Laten we het gesprek aangaan over de vraag of we op een dergelijke manier toekomstscenario’s willen ontwikkelen in plaats de strijd tussen oude politiek op basis van morele waarden en nieuwe politiek door het ondergraven ervan. Big Data stelt ons mogelijk in staat om dat soort scenario’s te ontwikkelen. Misschien nu nog niet, maar als we de ontwikkeling van de kracht van computers in ogenschouw nemen, duurt dat niet lang meer.

Dan is het ook niet nodig om een referendum te houden over het voorkeurscenario, want op basis van big data over de politieke voorkeur van de burger weten we welk scenario de hoogste ogen gooit.

Maar dat is wellicht al te cynisch. Laten we dan een dergelijk referendum toch maar organiseren om als mens nog enigszins met opgeheven hoofd over straat te kunnen gaan.